Vinger amputatie

Omschrijving

Een amputatie van een vinger of duim is het gevolg van een ernstige verwonding of een chirurgische behandeling voor een eerder ontstane afwijking. In alle gevallen betekent het een radicaal trauma voor de patiënt. De functionele, sociale en psychologische gevolgen hangen af van het niveau van de amputatie, maar ook welke en hoeveel vingers erbij zijn betrokken. Is er sprake van een hand- of armamputatie, dan zijn de gevolgen nog veel groter.

Oorzaak

In de meeste gevallen is de amputatie het gevolg van een letsel met een (cirkel)zaag, een avulsie letsel van de ringvinger, of een zeer ernstige beknelling. Bij kinderen wordt een amputatie van het topje van de vinger vaak gezien, als gevolg van een beklemming tussen de deur. Bij volwassenen is een letsel met (cirkel)zaag en hamer, de meest voorkomende oorzaak.

Daarnaast kan een amputatie ook een geplande operatie zijn, bij een ernstige infectie of kwaadaardige aandoening.

Behandeling

Wat moet je doen bij een acute amputatie van een vinger?
Leg de vinger in een proper doekje of rechtstreeks in een proper zakje. Doe dit in een afgesloten plastic zakje en dompel het in een bakje of zak met water en ijsblokjes. Zo wordt de vinger op een temperatuur van ongeveer 4 à 6 graden bewaard, waardoor de vinger veel langer geschikt is om, indien mogelijk, opnieuw te worden aangezet. Zorg ervoor dat de vinger niet rechtstreeks met water in contact komt en niet rechtstreeks op ijs ligt, anders verweken de structeren en kunnen er vrieswonden ontstaan.

Niet alle amputaties komen in aanmerking om gereïmplanteerd te worden. Wij zullen altijd beoordelen of de vinger geschikt is om terug geplaatst te worden. Bloedvaten en zenuwen moeten micro-chirurgisch worden gehecht om de vinger in leven te houden. Wanneer er sprake is van schade aan weefsel, bloedvaten, zenuwen en bot over grotere afstand, dan kan een vinger niet meer worden teruggeplaatst. Indien dit het geval is, is een zo goed mogelijke bedekking van de stomp met onderhuids weefsel zeer belangrijk. Dit wordt over de stomp gebracht, zodat er geen irritatie bij stoten ontstaat. In functie hiervan zal de chirurg bepalen op welk niveau de amputatie zal gebeuren.

Nabehandeling

Afhankelijk van de ingreep (reïmplantatie versus amputatie) zal de revalidatie bepaald worden. Hiervoor zal u begeleid worden door een handkinesist.
Als u problemen blijft houden in uw dagelijks functioneren, kan er ook advies gegeven worden over hulpmiddelen. Hierbij kan een ergotherapeut u meer informatie geven. Onder het hoofdstuk preventie en ergotherapie kan u enkele voorbeelden vinden.

Soms vraagt een patiënt ook naar een opzet cosmetische vinger- of handprothese (zie "prothesen na amputatie").

Als gevolg van de amputie kan fantoompijn ontstaan en overgevoeligheid van de stomp. Dit kan enkele maanden duren en vraagt een intensief gebruik en revalidatie om te verdwijnen.

Het verlies van een lichaamsdeel kan zeer emotioneel zijn, zeker als het gaat om een zichtbaar deel, zoals een vinger of hand. Het kost tijd voordat u gewend bent aan de verandering in uw uiterlijk en functioneren. Hoe moeilijk het ook is, na verloop van tijd zult u zich aan de situatie aanpassen en nieuwe manieren vinden om uw dagelijkse activiteiten uit te voeren. Soms kan het helpen over uw gevoelens te praten met uw huisarts of met een psycholoog, of met andere mensen.